‘Als iemand achter Mij aan wil gaan, moet hij zichzelf verloochenen en zijn kruis opnemen en mij volgen. Want wie zijn leven wil redden, zal het verliezen; maar wie zijn leven zal verliezen omwille van Mij, zal het vinden.’ (uit Mt. 16, 21-27)

Pastoraal hoekje

Jezus is geen toekomstvoorspeller. Hij zegt wat er gebeurt als de God van liefde, vrede en gerechtigheid geen plaats meer krijgt in zijn eigen schepping.
We zien dat in de vreselijke oorlogen die de mens door de eeuwen heen gevoerd heeft. En we zien dat vandaag in de vele volkeren die in afgrijselijke ellende leven, en in de ontelbare mensen op de vlucht. En waarom gaat het altijd? Niet om liefde, maar om haat. Niet om respect, maar om zelfverheerlijking. Niet om broederlijkheid, maar om eigenbelang. Met als vreselijk gevolg dat een mensenleven vaak niets meer voorstelt. Miljoenen mensen hebben geen leven meer. Hoop wordt hen ontnomen, want ze kennen alleen vervolging, beroving, moord. Christenen niet uitgezonderd.
Het is om moedeloos van te worden. En dan is de gedachte dat het einde van de wereld dichtbij is, best begrijpelijk. Maar: “Raak niet in paniek”, zegt Jezus, “maar wees standvastig, want Ik ben bij je en geen haar van je hoofd zal verloren gaan.” En Hij zegt ook: “Ik zal je woorden van wijsheid schenken die geen van je tegenstanders zal kunnen weerstaan of weerspreken.”
Die woorden van wijsheid geven aandacht aan onze medemensen die in nood verkeren, die ziek zijn, die hun werk verloren hebben, die eenzaam zijn, die de liefde verloren hebben. Kortom: we blijven doen wat Jezus heeft gedaan. We kunnen in de bijbel lezen hoe Hij dat heeft volgehouden. Misschien moet dat wel met grote letters op de bijbel staan: geen paniek…
Diaken Anton Janssen

‘Als iemand achter Mij aan wil gaan, moet hij zichzelf verloochenen en zijn kruis opnemen en mij volgen. Want wie zijn leven wil redden, zal het verliezen; maar wie zijn leven zal verliezen omwille van Mij, zal het vinden.’ (uit Mt. 16, 21-27)

In The Lord of the Rings is er een moment waarop Frodo het niet meer ziet zitten. De kleine Hobbit heeft als opdracht de ring te vernietigen op de plek waar die gemaakt is. Alleen dan zal het kwaad verslagen zijn. Maar de opdracht is zwaar.

Een prachtige hymne vol lof en dank, dat is wat Maria in het evangelie (Lc. 1, 39-56) bidt, en wat ze zegt is zo indrukwekkend dat we ons best eens afvragen waar en in wie we onszelf herkennen in haar lofzang.